Duurzaamheid in de eindtijd

© copyright 2003, Gijs van den Brink

 

Heeft ouderdom iets met duurzaamheid te maken? Is er een relatie tussen ons besef van het belang van duurzaamheid en de ouderdom van de mensheid of zoals de bijbel dit noemt, de eindtijd? En zo ja, welke?
We pleiten voor gemeenschapszin, omdat we merken dat mensen steeds meer als los zand langs elkaar heen leven, wat meer geweld en onveiligheid tot gevolg heeft.

We pleiten voor rust en voor onthaasting in onze hypermobiele samenleving omdat we weten dat een motor die steeds meer toeren maakt op een gegeven moment uit elkaar klapt.
We pleiten voor delen met onze medemens, omdat we weten dat een gemeenschap en een samenleving aan materialisme en egoïsme kapot gaat.
We pleiten voor soberheid en matigheid, omdat we weten dat natuurrampen samenhangen met klimaatsverandering die weer samenhangt met menselijke consumptie en productiepatronen.
We pleiten voor duurzaamheid, omdat we weten dat door verspilling de koek sneller op is en er niets meer overblijft voor de komende generaties.

We dragen deze boodschap alsmaar uit en werken er hard aan, maar er lijkt niet echt verandering te komen in de neerwaartse spiraal. We zien alleen toename van geweld en onveiligheid, van natuurrampen en hongersnoden, van armoede en ... Het lijkt wel of de mensheid oud is geworden en alle daadkracht mist om de noodzakelijke actie te ondernemen.

Ouderdom komt niet alleen met gebreken

De mensheid is oud geworden. Het is net als met de lichaamstemperatuur van een bejaarde. De spieren leveren een aanzienlijke bijdrage aan de productie van warmte. Oude mensen beschikken over minder spierweefsel dan jongeren. Naarmate de spieren minder warmte leveren, zijn de oude mensen voor het handhaven van hun lichaamstemperatuur meer afhankelijk van hun omgeving. De temperatuur in de kamer moet aangepast worden.

Soberheid staat nu op gespannen voet met fysieke gezondheid. En dat terwijl innerlijk juist de waardering voor duurzaamheid, respect en dankbaarheid voor het leven toeneemt. Oud zijn betekent ook meer betrokken zijn bij al wat leeft en waarde heeft, met bijzondere aandacht voor wat behouden moet worden voor de generatie na hen. Oud betekent dus fysiek onvermogen gepaard met duurzaam inzicht en respect.
Terug naar onze beginvraag, maar nu toegespitst: Is onze aandacht voor een duurzaam leven enerzijds en het wereldwijde onvermogen om tot concrete daden te komen een teken dat de mensheid oud is geworden? Met andere woorden, mogen we het beeld van de bejaarde mens toepassen op de mensheid als geheel?

Drievoudige eindtijd

Hiervoor luisteren we naar Jürgen Moltmann/1, die drie argumenten noemt waarom deze vergelijking inderdaad treft.

Ten eerste leven we in een nucleaire eindtijd.
Hiroshima 1945 heeft de wereld definitief verandert, zei Einstein in 1946. Sinds de uitvinding van de atoombom leven we in een tijd, waarin de mensheid in enkele uren vernietigd kan worden. En er is een soort wet die zegt: iets dat kan, gebeurt vroeg of laat ook. Sinds Hiroshima is de mensheid als geheel sterfelijk geworden, zegt Michael Gorbachov. En iemand die sterfelijk is, sterft vroeg of laat. In enkele tientallen jaren ontwikkelden meer dan 20 landen een atoomwapen. De mensheid is oud geworden. De atoombom kan zorgen voor een snelle dood.

Ten tweede leven we in een ecologische eindtijd.
De vernietiging van het milieu door de westerse economie bedreigt de overlevingskans van de mensheid in de 21e eeuw. Wetenschappers leggen uit dat de uitstoot van carbondioxide en methaan de ozonlaag vernietigt. Dat het gebruik van allerlei chemische bestrijdingsmiddelen en pesticiden de grond onvruchtbaar maken. Dat door deze factoren het klimaat in de wereld verandert, wat weer meer natuurrampen tot gevolg heeft, zoals droogte en overstromingen, bosbranden en cyclonen.

De ijslagen van Arctica en Antarctica smelten, zodat kuststeden als Hamburg en kustlanden als Bangladesh onder water lopen. Als er geen drastische verandering komt, zegt de wetenschap, zal het menselijk leven op aarde hierdoor uitsterven. Deze ecologische crisis wordt veroorzaakt door de westerse technologische cultuur, die inmiddels voor de rest van de wereld toonbeeld van beschaving is geworden!
Maar de leefstijl van de westerse wereld kan niet universeel geëxporteerd worden, maar kan alleen nog een korte tijd gehandhaafd worden ten koste van de Derde Wereld. Nog nooit heeft één cultuur zodanig het leven van de hele wereld bedreigd als de huidige westerse cultuur.

Ten derde leven we in een economische eindtijd.
De vernietiging van Afrika begon met de slavenhandel. In de 16e tot de 18e eeuw werden zo'n 70 miljoen Afrikaanse slaven verhandeld of tewerkgesteld, schat men. En dat bij een wereldbevolking van tussen 700 en 800 miljoen mensen. Dus ongeveer 10% van de wereldbevolking werd in deze eeuwen door het Westen verhandeld!! De koopvaardij en industrialisatie haalden het eerste kapitaal voor hun investering uit de inkomsten van de slavenhandel.

Latijns Amerika was goed om goud te halen, daarna zilver en na het zilver kwam de suiker, de katoen en de koffie. De koloniën werden geëxploiteerd door de moederlanden.
Dezelfde structuren bestaan vandaag nog. De onderontwikkeling van de één dient de ontwikkeling van de ander. Het Beest van het verslindende Westerse systeem rukt op en brengt de mensheid aan de rand van een totale vernietiging. Het systeem van de Antichrist is er al. Het wachten is nog op de persoon, de sterke man.

Er is hoop in de proeftuin

Hoe zal dit aflopen? Het ontbreekt de mensheid als een oude man aan het fysieke vermogen om weerstand te bieden tegen deze onmenselijke en antichristelijke krachten. Is er nog hoop? Ja, want voordat de mensheid zichzelf vernietigt komt Jezus Christus terug. God zal Zijn schepping niet overgeven aan zelfvernietiging.

Wat moeten wij doen? Alles wat Jezus gedaan heeft. Zieken verzorgen en genezen, bezetenen bevrijden, met name van de demon van de mammon, vluchtelingen huisvesten en armen en verdrukten bemoedigen door hen het Evangelie te vertellen (Mat.11:5-6; Luc.4:18-19). En dit doen we niet, omdat we denken de wereld te kunnen redden. Dat zal helaas niet lukken. Maar dit doen we uit principe, omdat we Jezus Christus liefhebben.

We doen het ook om een voorbeeld te geven en proeftuinen van een goed en waardevol leven te creëren. Proeftuinen die heenwijzen naar de nieuwe wereld die er zal komen als Jezus terugkomt. En we hopen dat deze proeftuinen veel mensen jaloers zullen maken, zodat het volk dat God waardig is steeds groter zal worden.
Er is hoop voor wie een besef heeft van eeuwige duurzaamheid, die ons door God uit genade wordt gegeven, en die we hier en nu al mogen beleven. Jezus Christus nodigt ons uit om door Hem gebruikt te worden. Zijn we daar klaar voor?

1. Jürgen Moltmann, The Coming God (Fortres Press 1996) pg 204-216.