HSV of NBV?

1Kor.12 vergeleken in twee recente bijbelvertalingen

Gijs van den Brink, 2011 (gepubliceerd in Studiebijbel Magazine 4.3)

 

In veel kerken wordt momenteel het gebruik van de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) geëvalueerd. Bovendien verscheen onlangs de Herziene Statenvertaling (HSV). Wat is het verschil tussen beide vertalingen? En welke is de beste? Dat zijn vragen die gesteld worden en ik wil proberen aan de hand van de tekst van 1Kor.12:1-11 hier een antwoord op te zoeken.

Beide vertalingen willen trouw zijn aan de brontekst (de Hebreeuwse en Griekse grondtekst) en vertalen in goed leesbaar Nederlands (de zo genoemde doeltaal). Voordat we de vertalingen vergelijken moeten we onze uitgangspunten duidelijk formuleren. Waaraan moet een goede bijbelvertaling voldoen? Ik zou twee criteria willen noemen:
1. De Bijbel is het Woord van God. Hierbij past een vertaling die vertaald is met de brontekstgetrouwheid waarmee wetteksten vertaald worden, bijvoorbeeld het Nederlands Burgerlijk Wetboek voor Engelstalige juristen (trouwens belangrijke gedeelten van de Bijbel zijn wetten).
2. De Bijbel is een boek uit de oudheid. Wanneer er vertaald wordt in goed Nederlands, betekent dat niet altijd dat voor de lezer ook duidelijk is wat er gezegd wordt. Dat is bij vertalingen van teksten uit de oudheid niet altijd haalbaar in verband met de historische afstand. Ook bij een goede vertaling blijft uitleg nodig.
Vanwege de beperkte ruimte kunnen we niet elk vers en elk verschil bespreken, maar alleen de belangrijkste.

Vers 1 HSV Wat nu de geestelijke gaven betreft, broeders, wil ik niet dat u onwetend bent.
NBV Broeders en zusters, over de gaven van de Geest wil ik u het volgende zeggen

 

‘Wil ik u het volgende zeggen' en ‘wil ik niet dat u onwetend bent' is de vertaling voor ‘ik wil niet dat jullie niet weten'. Deze zinswending komt veel bij Paulus voor (Rom 1:13; 11:25; 1Kor.10:1; 12:1; 2Kor.1:8; 1Tes.4:13) en we kunnen de dubbele ontkenning in het Nederlands goed weergeven met ‘ik wil dat jullie goed weten'. Het intense ‘ik wil dat u goed weet' of ‘ik wil graag dat u weet' is in de NBV geworden tot het vlakkere ‘ik wil u het volgende zeggen'. De HSV blijft dichter bij de grondtekst en geeft bovendien meer van het intense van de woorden weer.
‘Broeders' of ‘broeders en zusters'? ‘Broeders' is in het Nederlands altijd exclusief en sluit niet zoals bijvoorbeeld ‘uitverkorenen' ook zusters in. Aangezien duidelijk is dat ook de zusters gaven van de Geest ontvangen (vs.11, vgl. 1Kor.11:5) is de aanspreekvorm adelphoi hier inclusief bedoeld en zou een vertaling met ‘broeders en zusters' (een aanvulling in cursief, die aangeeft dat de woorden niet letterlijk in de tekst staan) hier mijn voorkeur hebben.

Vers 2 HSV U weet dat u heidenen was, weggetrokken naar de stomme afgoden. Zo liet u zich meevoeren.
NBV Zoals u weet was u in de tijd dat u nog heidenen was volledig in de ban van goden die taal noch teken geven.

 

De ‘geluidloze afgoden' in de Griekse tekst zijn in de NBV geworden tot ‘goden die taal noch teken geven'. Ergens een mooie vondst, omdat het ‘niet spreken' en ‘geen geluid geven' van het Griekse aphōnos beide worden meegenomen. Maar het is wel een lange omschrijving voor één Grieks woord.
De HSV vertaling met ‘stom' in de zin van ‘niet kunnen spreken' is op zich correct, maar in het Nederlands dubbelzinnig. ‘Stom' komt het meest voor in de zin van ‘dom' en ‘saai' en veel minder in de zin van ‘niet kunnen spreken'. Aangezien ‘domme afgoden' hier ook een goede zin geeft, kan dit verwarring geven.
De laatste woorden van de Griekse zin luiden: ‘zoals jullie weggevoerd wordend geleid werden'. De passieve vormen benadrukken het in de ban zijn van de afgoden. De NBV vertaalt daarom omschrijvend met ‘volledig in de ban van'. De HSV staat dichter bij de brontekst en is ook goed Nederlands.

Vers 5 HSV Er is verscheidenheid van bedieningen, en het is dezelfde Heere.
NBV er zijn verschillende dienende taken, maar er is één Heer;

 

‘Dienende taken' en ‘bedieningen' is de vertaling van het Griekse diakonia, de taak of functie van een diakonos, een ‘dienaar'. We kunnen diakonia vertalen met ‘dienst' of ‘dienstbetoon', dat meer de taak aanduidt, of met ‘bediening' dat meer de ‘functie' aangeeft. In de context van de geestesgaven, die door de Geest in de gelovigen worden gewerkt, gaat het hier niet om een bediening of een functie, maar om een dienst, d.w.z. een uiting van dienstbetoon. De vertaling ‘dienende taken' ligt daarom dichter bij de brontekst dan ‘bedieningen'.

Vers 6 HSV Er is verscheidenheid van werkingen, maar het is dezelfde God, Die alles in allen werkt.
NBV er zijn verschillende uitingen van bijzondere kracht, maar het is één God die ze allemaal en bij iedereen teweegbrengt.

 

‘Uitingen van bijzondere kracht' in NBV is de vertaling van energēmata, ‘inwerkingen'. Het is vertaaltechnisch op grond van de woordbetekenis onmogelijk en exegetisch niet terecht hier de ‘werkingen van krachten' uit vers 10 in te vullen en dus te vertalen met ‘uitingen van bijzondere kracht'. In vers 10 bestaat de ‘inwerking' uit krachten, maar dat hoeft daarom hier niet het geval te zijn. Temeer niet daar vers 10 met ‘krachten' op ons vers volgt en er niet aan vooraf gaat.
Bovendien gaat het daar om een opsomming van verschillende gaven, hier niet. De ‘krachten' zitten in ieder geval niet in de woordbetekenis van energeō en energēma. Je moet hier letten op de trits gaven - diensten - inwerkingen. De gaven van de Geest worden met drie verschillende termen beschreven. Als charismata (vs.4), genadegaven die om niet, gratis geschonken worden. Als diakonia (vs.5), ze zijn namelijk bedoeld om te dienen. Als energēmata (vs.6), inwerkingen, om hun werking te duiden als een inwerking van de Geest. En-ergeo betekent ‘in iemand of iets werkzaam zijn', in iemand iets ‘bewerken'. God is het die de gaven in ons bewerkt. Een goed Nederlands woord voor de ‘inwerkingen' is niet eenvoudig. ‘Geestelijke inwerkingen', ‘werkingen van de Geest', of ‘geesteswerkingen'? In ieder geval niet ‘uitingen van bijzondere kracht.
HSV daarentegen blijft met ‘werkingen' erg vlak en onduidelijk. Daarmee voldoet een vertaling ook niet. Wat de NBV teveel heeft, heeft de HSV hier te weinig. De HSV is onduidelijker dan de brontekst. Een goede vertaalmogelijkheid lijkt me ‘werkingen van de Geest' of ‘geesteswerkingen', waarbij het cursief aangeeft dat het woord niet in de brontekst staat.

Vers7 HSV Aan ieder echter wordt de openbaring van de Geest gegeven tot wat nuttig is voor de ander.
NBV In iedereen is de Geest zichtbaar aan het werk, ten bate van de gemeente.

 

HSV geeft met ‘de openbaring van de Geest' een verkeerde indruk. Een openbaring is voor hen die niet bekend zijn met religieus taalgebruik een ‘verrassende ontdekking'. Maar belangrijker is dat in het Grieks niet het gebruikelijke woord voor ‘openbaring' (apokalupsis) staat, wat spreekt over het onthullen van een geheim, maar phanerōsis: ‘zichtbaarmaking' of ‘manifestatie'. De tekst spreekt dus over de ‘manifestatie van de Geest' (zo ook vertaald in de meeste Engelse vertalingen).
De NBV vertaalt phanerōsis weliswaar met ‘zichtbaar', maar gooit verder de hele zin om. In de Griekse zin moet God als subject worden verondersteld: ‘aan ieder wordt gegeven ‘(door God) de manifestatie van de Geest'. Wat met ‘de zichtbaarmaking van de Geest' bedoeld wordt, is afhankelijk van de vertaling van tou pneumatos ‘van de Geest. Of de Geest is de inhoud van de manifestatie (genetivus objectivus) of de Geest is het subject, de auteur van de manifestatie (genetivus subjectivus). De NBV kiest voor de tweede optie. Dit wordt in de context ondersteund door vers 11, waar de Geest ook het actieve subject is.
Maar met de verandering van ‘wordt ... gegeven' in ‘is ... aan het werk' krijgt het werk van de Geest iets van een voortdurend aanwezige werkzaamheid, terwijl ‘wordt ... gegeven' momentaan is (zie onder bij vs.9). De manifestatie (van de Geest of van de gaven) wordt elke keer opnieuw (door God of door de Geest) gegeven. Dit momentane aspect van ‘wordt gegeven (door God)' wordt wel bewaard in de HSV. Verder maakt de zinsconstructie met ‘wordt ... gegeven (door God)' waarschijnlijk dat ‘Geest' hier taalkundig de inhoud van de zichtbaarmaking is. In vers 7 als ook in vers 11 is het (i.t.t. vss 8-10) ‘aan een ieder'. Vers 7 geeft daarom een algemene karakterisering van de pneumatika uit vs 1, namelijk de zichtbaarmaking of manifestatie ervan. We moeten in dat geval als volgt vertalen: ‘Aan ieder wordt de manifestatie van de uitingen van de Geest gegeven', waarbij het cursief aangeeft dat de betreffende woorden niet in de brontekst staan, maar aangevuld moeten worden om de bedoeling juist weer te geven.
De NBV heeft de voorkeur wat betreft het ‘zichtbaar' maken, maar de HSV wat betreft het momentane aspect van de werking van de Geest.

Tot slot hebben we in de NBV een onterechte explicitering in de vertaling ‘ten bate van de gemeente'. Het Grieks zegt slechts ‘tot het nut' . Het gaat hier niet om het ‘aan wie' , maar om het wát, het nuttige, dat wat bijdraagt, de opbouw. De toevoeging ‘van de gemeente' roept verkeerde associaties op. Van de gemeente, met andere woorden niet van de wereld, niet van de ongelovigen? Deze concrete invulling gebeurt blijkbaar vanuit de context van hoofdstuk 14, maar Paulus kiest er juist voor in zijn inleiding zo algemeen mogelijk te verwoorden.
De toevoeging ‘voor de ander' van de HSV verlegt ook de aandacht van het wát naar het ‘aan wie', maar is terecht breder dan het ‘gemeente' in de NBV en het cursief geeft bovendien aan dat de woorden niet in de brontekst staan.

Vers 8 HSV Want aan de één wordt door de Geest een woord van wijsheid gegeven en aan de ander een woord van kennis, door dezelfde Geest;
NBV Aan de een wordt door de Geest het verkondigen van wijsheid geschonken, aan de ander door diezelfde Geest het overdragen van kennis;

 

Logos sophias (woord van wijsheid) en logos gnosios (woord van kennis) wordt in de NBV vertaald met ‘het verkondigen van wijsheid' en ‘het overdragen van kennis'. Maar het gaat hier bij het woord logos niet om de daad van het spreken (dit gebruik is heel uitzonderlijk) en dus ook niet om verkondigen of overdragen, maar om de inhoud van het gesproken woord, zoals wij ook wel spreken over een ‘woord van troost'. Als hier sprake zou zijn van de zeldzame betekenis van ‘de daad van het spreken' moet hiervoor in de directe context (op zinsniveau) duidelijk aanleiding zijn. Het tegendeel is echter het geval met de woorden ‘wordt gegeven'. Het gaat bij deze gave niet om het overdragen van wijsheid en kennis, maar om het ontvangen ervan! Dat is nu juist het verschil tussen een gave die men ontvangt en een dienst (onderwijzen, prediken) die men uitoefent. Het Griekse woord logos heeft hier de betekenis ‘woord' in de zin van ‘datgene wat door iemand gezegd wordt', ‘uitspraak' (zie bv Rom 9:9, waar de uitspraak zelf erop volgt). Zo ook in uitdrukkingen als een ‘woord van opwekking' (Hand. 13:15) of een ‘woord van vermaning' (Hebr. 13:22). De HSV geeft hier de correcte weergave.

Vers 9 HSV en aan een ander geloof, door dezelfde Geest, en aan een ander genadegaven van genezingen, door dezelfde Geest;
NBV de een ontvangt van de Geest een groot geloof, de ander de gave om te genezen.

 

Ten eerste willen we opmerken dat de Griekse tekst spreekt over ‘geloof', terwijl de NBV spreekt over ‘een groot geloof''. De reden hiervan is blijkbaar dat men wil aangeven dat het hier om ‘geloof' in een bepaalde zin gaat. Dat is inderdaad gerechtvaardigd. Er is namelijk verschil tussen geloof in de verlossing door Christus en het geloof dat de Heer in een bepaalde specifieke situatie een wonder zal doen (zie 1Kor.13:2 ‘het geloof dat bergen verzet'). Het laatste is in onze context de juiste betekenis. De toevoeging ‘groot' verheldert dus de betekenis, maar creëert tegelijkertijd ook een probleem: ‘groot' staat tegenover ‘klein'. Zijn degenen die deze gave niet hebben kleingelovigen?
Maar niets toevoegen, zoals de HSV doet, geeft ook een probleem, omdat hier onduidelijk blijft dat het niet om het algemene ‘geloof (in God of Christus)' gaat, zoals gewoonlijk in het NT.
Als ‘een groot' cursief zou zijn geweest, zou het onderscheid hiermee aangegeven zijn, terwijl tegelijkertijd duidelijk is dat dit toegevoegd is.

‘Genadegaven van genezingen' of ‘de gave om te genezen' is een vertaling van charismata iamaton (‘gaven van genezingen'). De NBV suggereert dat het gaat om een gave die de gelovige permanent bezit, terwijl het meervoud hier en ook bij ‘inwerkingen' en ‘onderscheidingen' in vers 10 juist het momentane karakter aangeeft. Het gaat om iets dat telkens weer gegeven wordt. Een geestesgave in de zin van zoals deze in 1Kor.12 worden besproken, is niet een soort geestelijk talent, een cadeau dat je, wanneer je het eenmaal gekregen hebt, altijd tot je beschikking hebt. Het is en blijft een uiting van de Heilige Geest, een gave die telkens opnieuw door de Geest gewerkt wordt. We worden door de NBV op het verkeerde been gezet. Het gaat om meerdere ‘herhaalde ingevingen om te genezen'.
De HSV is beter, maar de bedoeling van het meervoud ‘gaven van genezingen' blijft onduidelijk. Het zou beter zijn te vertalen met ‘herhaalde gaven van genezingen'.

Vs.10 HSV en aan een ander werkingen van krachten, en aan een ander profetie, en aan een ander het onderscheiden van geesten, en aan een ander allerlei talen, en aan een ander uitleg van talen.
NBV En weer anderen de kracht om wonderen te verrichten, om te profeteren, om te onderscheiden wat wel en wat niet van de Geest afkomstig is, om in klanktaal te spreken of om uit te leggen wat daar de betekenis van is.

 

De NBV tekst ‘Om te profeteren' (vertaling van ‘profetie') sluit in de zin aan bij ‘de kracht om .... Dit is onjuist, want in de Griekse zin hoort ‘inwerkingen' alleen bij ‘krachten', niet bij profetie etc. De gave van profetie is dan ook geen kracht, maar een ingeving of inspiratie. Dit geldt ook van de volgende drie gaven.

Het ‘onderscheidingen van geesten' in de Griekse tekst wordt in NBV vertaald met ‘om te onderscheiden wat wel en wat niet van de Geest afkomstig is'. Ten eerste moeten we hier opmerken dat ook deze gave geen krachtwerking is, maar een inspiratie-gave, en kan dus niet aansluiten bij ‘kracht om ...'.
Ten tweede is de parafrase die de NBV hier geeft veel te ruim. Het meervoud ‘geesten' spreekt niet over de Heilige Geest, maar over de ‘geesten' van de profeten, waarover we lezen in 1Kor.14:32. En in 1Kor.14:29, drie verzen daarvoor, wordt voor het toetsen van profetieën ook het werkwoord diakrino gebruikt. Wanneer we dan ook nog eens in aanmerking nemen dat deze gave wordt genoemd direct na de gave van profetie, zullen we toch echt moeten aannemen dat het hier om het toetsen van de geest van de profeet gaat.
De HSV geeft een correcte weergave, die vervolgens wel uitleg behoeft. Maar we stelden eerder al dat geen enkele vertaling van een boek uit de oudheid de uitleg geheel overbodig kan maken.
Het zelfde geldt voor de vertaling ‘werkingen van krachten'. Het is een correcte vertaling, waarmee de HSV dichtbij de brontekst blijft, maar ook deze vertaalde tekst is onduidelijk en behoeft uitleg.

Conclusie

 

Als we de verschillen samenvatten, kunnen we stellen dat de HSV probeert zo dicht mogelijk bij de grondtekst te blijven, wat soms tot gevolg heeft dat de vertaling onnodig onduidelijk blijft. De NBV daarentegen vertoont een sterke neiging om te omschrijven en expliciterend of verklarend te vertalen, wat tot gevolg heeft dat er wel eens een keuze wordt gemaakt die exegetisch niet sterk is. Uitgaande van de twee boven door ons geformuleerde principes of uitgangspunten, heeft de vertaalmethode van de HSV onze voorkeur.
Maar daarmee is niet meteen gezegd dat de HSV als vertaling ook beter is dan de NBV. Dat hangt af van de vertaalkeuzen die in elk afzonderlijk geval gemaakt worden. Wanneer we op grond van de besproken vertaalverschillen in 1Kor.12 nagaan hoe vaak we kozen voor de NBV en hoe vaak voor de HSV, dan ziet het plaatje er als volgt uit.
Er werden 14 vertaalverschillen besproken. Van de 14 keer heb ik 3 keer gekozen voor de NBV, 7 keer voor de HSV en 4 keer voor geen van beiden. Van de laatste 4 plaatsen kon 3 keer de HSV door een eenvoudige verbetering opgewaardeerd worden. Het mag duidelijk zijn welke van de twee vertalingen mijn voorkeur heeft.