Willibrordvertaling en bijbelonderwijs

drs Gijs van den Brink, 2000

 

Het persbericht dat er gesprekken gaande zijn met de KBS om te komen tot een uitgave van de Willibrordvertaling die ook voor evangelische en reformatorische kerken geschikt zou zijn, heeft nogal wat reacties losgemaakt in het maandblad Uitdaging. Zonder te pretenderen alle reacties te beantwoorden, wil ik proberen toch nog eens de argumenten op een rijtje te zetten, waarom naar mijn mening de Willibrordvertaling (WV95) een van de betere vertalingen is die Nederland op dit moment rijk is. Wij hebben het alleen over de vertaling van de WV95 en niet over de inleidingen, noten en aanhangsels die de huidige editie van de KBS kent. Veel reacties bespraken de vrijzinnige en bijbelkritische aantekeningen die daarin zijn te vinden. Maar het verzoek dat aan de KBS is gedaan betreft een bijbel in de WV95 vertaling zonder deze commentaren en aanhangsels, dus louter de bijbeltekst.

 

Waarom moet ik van bijbel veranderen?

 

Veel reacties waren emotioneel en geven blijk van een zekere angst of verdriet dat men zijn of haar geliefde vertaling moet inruilen voor een andere. Dit is geenszins het geval, lijkt me. De tijd dat men sprak over dé Nederlandse vertaling is op een enkele uitzondering na voorbij. Een bijbelvertaling is vandaag één van de verschillende vertalingen die ons land rijk is. In mijn eigen gemeente zie ik bijvoorbeeld verschillende bijbels tijdens de bijbelstudie-avonden, NBG51 vertaling, Grootnieuws (GNB), het Boek, de Willibrordvertaling (WV) en een enkeling met de Statenvertaling (SV).

We leven in een tijd dat elke gelovige en ook elke voorganger zijn eigen vertaling kiest. Dus een ieder kan gewoon de vertaling blijven gebruiken die hem lief is. Maar we zullen begrip moeten hebben voor het gegeven dat bijbels die gesteld zijn in Nederlands van vóór de oorlog, niet of nauwelijks meer leesbaar zijn voor de hedendaagse lezer. Dat geldt in het bijzonder voor de Statenvertaling, maar in iets mindere mate toch ook voor de 'NBG51' waarvan de vertaling voor het grootste deel vóór de oorlog werd gemaakt. Deze situatie is te betreuren, want de bijbel, het Woord van God, moet voor iedereen goed toegankelijk zijn. En dat kan van de SV en ook de NBG51 niet meer gezegd worden. Je ziet dit aan het eenvoudige gegeven dat veel christenen hun toevlucht nemen tot het Boek of de Groot Nieuws Bijbel. Maar dat zijn toch ook bijbels zult u denken. Inderdaad, maar we komen dan over een ander onderwerp te spreken, namelijk het specifieke doel dat men heeft met een bepaalde vertaling.

 

Een vertaling voor bijbelstudie en onderwijs 

 

Het Boek en ook de Groot Nieuws Bijbel zijn bijvoorbeeld niet gemaakt voor het gebruik in eredienst en catechese, maar eerder met het oog op geïnteresseerde buitenkerkelijken. Het Boek is warm en leest begrijpelijk, maar het is geen vertaling, maar een parafrase. Dat houdt in dat niet de betekenis, maar de bedoeling van een bijbelvers wordt weergegeven. De inhoud wordt omschreven en vaak worden verhelderingen toegevoegd. Dat heeft met het oog op de specifieke doelstelling zijn eigen waarde, maar het kan en mag m.i. beslist niet een echte vertaling gaan vervangen.

De Groot Nieuws Bijbel daarentegen is wel een vertaling, maar behoorlijk vrij vertaald en in een zo alledaags Nederlands dat het orthodoxe christenen vaak tegenstaat. En de nieuwe vertaling die het NBG over een paar jaar uitbrengt, de zogenaamde NBV? We kunnen hierover natuurlijk nog maar beperkt oordelen, omdat deze nog niet af is. Over de boeken die tot nu toe gepubliceerd zijn kunnen we stellen dat het alledaagse Nederlands van de GNB hier sterk verbeterd is. Maar een aantal steekproven wijzen uit dat deze vertaling minstens even vrij, zo niet nog vrijer vertaald is dan de GNB! Op grond van wat we tot nu toe gezien hebben zeg ik: de NBV wordt een literaire Groot Nieuws Bijbel. Het zal daarom in onze optiek niet een bijbel zijn die de NBG51 voor ons kan vervangen. In verband met de mate van gehanteerde vertaalvrijheid zal het namelijk geen bijbel zijn die geschikt is voor bijbelstudie en onderwijs, zoals de SV en de NBG51 dat wel zijn.

Als we dan de WV95 hiermee vergelijken, zien we hier een vertaling die sterk lijkt op de NBG51, maar in modern Nederlands gesteld. De vertaling blijft dichtbij de grondtekst en het Nederlands is beslist niet alledaags. Deze vertaling is om deze redenen zeer geschikt voor het gebruik in de eredienst als ook voor bijbelstudie en catechese. In dit verband is het ook interessant dat een enquête door drs T. Medema in 1998 over het bijbelgebruik onder reformatorische en evangelische christenen uitwees dat de evangelischen een vertaling voor studiedoeleinden wensen, een vertaling die nauw aansluit bij de grondtalen.

 

Van letterlijk naar vrij 

 

Dit brengt ons op het onderwerp van de vertaalmethode. Sinds de tweede wereldoorlog zien we een gestage verschuiving plaatsvinden in de bijbelvertalingen. Men probeert de vertalingen steeds leesbaarder en begrijpelijker te maken. Maar deze aandacht voor leesbaarheid heeft ook een keerzijde, namelijk dat de vertaling zich steeds verder van de grondtaal verwijdert.

Laten we Handelingen 2:38 eens als voorbeeld nemen: SV: En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen. NBG51: En Petrus antwoordde hun: Bekeert u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen. WV95: Petrus zei tegen hen: bekeer u! Ieder van u moet zich laten dopen in de naam van Jezus Christus tot vergeving van uw zonden. Dan zult u de gave van de heilige Geest ontvangen. GNB: `Begin een nieuw leven,' antwoordde Petrus, `en laat u dopen, ieder van u, in de naam van Jezus Christus, om vergeving te krijgen van uw zonden; en u zult de heilige Geest als geschenk ontvangen. NBV: Keer u af van uw huidige leven en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus om vergeving te krijgen voor wat u hebt misdaan [in definitieve versie 2004: 'voor uw zonden']. Dan zal de heilige Geest u geschonken worden.'

Als u deze vertalingen in deze volgorde leest, ziet u hoe de vertaling verandert van letterlijk naar vrijer. De WV95 volgt dan direct op de NBG51. Verschillende steekproeven hebben uitgewezen dat deze positie kenmerkend is voor de WV95. Dat is natuurlijk van niet gering belang voor de beoordeling van een vertaling. We kunnen namelijk eindeloos met elkaar twisten over allerlei teksten die ons inziens beter anders vertaald kunnen worden, maar het zet in het geheel van de duizenden verzen die de Schrift telt geen zoden aan de dijk. Bovendien is het een irreële gedachte dat er een vertaling zou bestaan die altijd zou overeenstemmen met alle door mij gemaakte vertaalkeuzen. Een beoordeling op grond van de gehanteerde vertaalmethode lijkt me daarom van groot belang bij het maken van een keuze voor een bijbelvertaling die geschikt is voor bijbelstudie en onderwijs.

Steekproeven wijzen ook uit dat de GNB en NBV zich gemiddeld twee maal zoveel vertaalvrijheden veroorloven als de NBG51 en de WV95! U kunt uit het voorbeeld van Hand. 2:37 ook zelf zien hoe de NBV, de nieuwe vertaling van het NBG, hier nog vrijer is als de GNB. Bovendien ziet u dat hier met het woord 'bekering' dat al gesneuveld was in de GNB, nu ook het woord 'zonde' is verdwenen [in definitieve versie 2004 weer terug veranderd]. De huidige vertaaltechnische term voor het zich veroorloven van allerlei soort vertaalvrijheden is 'vertaaltransformatie' (A. Langeveld, Vertalen wat er staat, Amsterdam 1988).

 

Vertaaltransformaties in moderne vertalingen 

 

Voor hen die zich afvragen wat vertaaltransformaties dan zoal inhouden, wil ik een aantal voorbeelden noemen. Ze zijn natuurlijk verre van volledig, maar geven wel een idee wat er gaande is in de moderne vertalingen. Er zijn een aantal categorieën te onderscheiden. In de eerste plaats is er sprake van omzettingen. Het betreft het verplaatsen van woorden, zinsdelen en zelfs het veranderen van hoofd- in bijzinnen en omgekeerd. Het is duidelijk dat dit vaak nodig is, omdat de zinsconstructie in het Grieks of Hebreeuws anders is dan in het Nederlands. Dit is nog redelijk onschuldig, maar je kunt je wel afvragen waarom het gedaan wordt als het niet echt nodig is?

De tweede categorie zijn de veranderingen. Deze zijn ingrijpender, want hierbij veranderen woorden, zinsdelen of zinnen van functie of betekenis. 'De Heere is uw bewaarder' (Ps.121:5) wordt in de GNB 'de Heer zal je beschermen'. Een zelfstandig naamwoord 'bewaarder' wordt dus omgezet in een werkwoord 'beschermen'. 'De hand van de Heer heeft zich tegen mij gekeerd (Ruth 1:13, WV) is in de NBV geworden: 'de Heer heeft zich tegen mij gekeerd'. Dit is een vorm van omschrijvend generaliseren. Vaak worden oorzaak en gevolg omgedraaid. Zo wordt de zinsnede 'het huis werd vervuld van de balsemgeur' in Joh.12:3 (WV) in de GNB weergegeven met 'de geur van de balsem hing in het hele huis'. De WV als ook de Griekse grondtekst beschrijft een oorzaak, maar de GNB een gevolg.

Ook vertalen met een woord dat de omgekeerde betekenis heeft komt veel voor, bijvoorbeeld bij woordparen als geven en ontvangen. Het 'aan de een wordt door de Geest een woord van wijsheid gegeven (1Kor.12:8, WV) wordt in de GNB weergegeven met 'de een ontvangt van de Geest de gave van wijsheid ...' Of vertalen met een ontkenning van het tegendeel. 'Men bracht een bezetene bij Jezus die blind was en niet kon praten (GNB) in plaats van 'er werd een bezetene bij hem gebracht, blind en stom.

Dan is er nog de categorie van toevoegingen en weglatingen. 'En het gebeurde in de dagen van het richten van de richters' wordt verduidelijkt door te vertalen 'in de tijd dat de rechters het volk leidden ...' En zo kunnen we wel doorgaan. In elk vers van onze bijbel komen een aantal van deze transformaties voor. Als uit steekproeven blijkt dat de NBV twee maal zoveel transformaties toepast als de WV95, betekent dit dat een bijbelvers in plaats van twee of drie van dergelijke veranderingen er nu vier tot zes toepast! U begrijpt dat we dit verschil niet moeten onderschatten.

 

Hoe transformaties waarderen 

 

Hoe we deze veranderingen waarderen hangt o.a. af van het doel dat de vertaling moet dienen. Ik kan me goed voorstellen dat wanneer het criterium van voorleesbaarheid in de eredienst prioriteit krijgt, de NBV bijvoorbeeld als beste vertaling uit de bus komt. Bij een bijbel voor buitenkerkelijken moet i.v.m. de toegankelijkheid vrijer vertaald worden en komt de GNB bijvoorbeeld als eerste in aanmerking. Maar wanneer ons criterium is een vertaling geschikt voor studie en onderwijs in modern Nederlands, dan ben je op zoek naar een vertaling met zo weinig mogelijk transformaties. Er is niets zo vervelend voor een luisteraar dan wanneer een voorganger steeds zegt: 'eigenlijk staat er in de grondtekst...'. Dit moet zo veel mogelijk voorkomen worden, want het maakt dat de hoorders de idee krijgen dat ze hun bijbel maar beter dicht kunnen houden of zelfs helemaal maar niet meer meenemen. Een bijbel voor catechese-doeleinden moet zo weinig mogelijk transformaties bevatten. Wil een vertaling voor buitenkerkelijken de bijbeltekst naar de mensen toebrengen, een bijbelleraar of catecheet wil de lezer of hoorder naar de tekst van de Schrift brengen. Niet de tekst van de Schrift moet zich via transformaties aanpassen bij de mensen, maar de hoorder of lezer moet getransformeerd worden door de Schrift.

 

Bittere bron met zoet water? 

 

Er zouden bijbelkritische vertalers aan de WV95 hebben gewerkt, dus deze vertaling kan niet goed zijn. Dit was ook één van de reacties. Het zal u uit het voorgaande duidelijk zijn dat het onze methode niet is om de meetlat te leggen langs het persoonlijk geloof van de vertalers om vervolgens hieruit te concluderen of hun vertaalproduct kosjer is of niet. Wij hebben een andere benadering gevolgd. We bestuderen de vertaling en concluderen vervolgens of de vertalers een goed werk hebben geleverd. Het is natuurlijk duidelijk dat bepaalde theologische vooronderstellingen hier en daar hun sporen hebben nagelaten. Maar ik durf wel te zeggen, dat je een zeer goede theologische speurneus moet hebben om deze in de WV95 te vinden. Maar inderdaad, ze zijn er en u helpt ons enorm om deze samen met ons te inventariseren. Er is een database aangelegd van plaatsen waar wij verbeteringen voorstellen. Want dit is mogelijk. De WV95 is een vertaling die voortdurend in studie en in bewerking is. De digitale versie 95.4 heeft naar schatting alweer 300 tot 500 verbeteringen in de tekst vergeleken bij de gedrukte WV95! Onze conclusie: als u op zoek bent naar een bijbelvertaling in modern Nederlands die geschikt is voor bijbelstudie en bijbelonderricht dan is naar mijn overtuiging van alle vertalingen in Nederland de Willibrordvertaling de beste keuze.